|

|
<
terug
vervolg:
Toen
Eindhoven nog een klein lichtpeertje was
voorzag het niet hoe zevenhonderdzevenenzeventig jaar
na stadsrecht de bevolking getallen zo leuk zou vinden.
Vooral nullen en enen. Lekker abstract.
Men heiligt drie maal een zeven. Het godsvertrouwen is
welhaast onmerkbaar diep in het fundament gezakt.
Waar bouwt men op? Misschien zegent grondwater
de langste heipalen van de hoogste torens.
Inmiddels staat de bevolking los van lopende banden.
Men kan zelfstandig rollen en toeteren. Men is dagelijks
Fritsgeföhnd en Philipsgelipsticked rond het ritmisch
ratelen der toetsenborden. Men die +2 brillen moet, hééft
+2 brillen. Men is
voorzien.
De industrie peert ‘m,
maar voorouders hebben ergens voor gewerkt: Fabrieken
worden zacht, romig & smaakvol. Men dineert er in stijl
tussen uitgestorven machines, want ook levenden hebben
recht op hartmassage. Wat nog toegevoegd kan worden is
een snufje euforie
en
vooral
één -nutteloze-
roze jurk.
|